» 08/03/2015 » Algemeen » 0 reacties

Op 8 maart 1908 vond in New York de eerste staking door vrouwen plaats. De staking was gericht tegen de slechte arbeidsomstandigheden in de textielindustrie en is beroemd geworden door onder meer de poëtisch verwoorde eis van de vrouwen: “brood en rozen”.

De staking was het prille begin van de strijd voor de vrouwenemancipatie en tegen de vrouwendiscriminatie. In 1911 deed de Duitse socialiste Clara Zetkin tijdens een conferentie voor socialistische vrouwen in Kopenhagen het voorstel om 8 maart uit te roepen tot Internationale Vrouwendag. Deze datum werd echter niet overal aangehouden. In Nederland werd de eerste Vrouwendag gevierd op 12 maart 1912.

In 1917 brak op 8 maart opnieuw een staking uit vanwege de slechte arbeidsomstandigheden in de textielindustrie, nu in het Russische Sint-Petersburg, onder leiding van de revolutionaire Aleksandra Kollontaj. Mede als gevolg hiervan verkoos het Internationale Vrouwensecretariaat van de Communistische of Derde Internationale in 1921, 8 maart definitief tot datum van de Internationale Vrouwendag.

Gedurende de hele Koude Oorlog heeft deze viering in de landen van het NAVO-pact in een verdacht daglicht gestaan door haar van oorsprong socialistische grondslag. In veel kapitalistische landen werd de dag dan ook niet algemeen gevierd of zelfs maar erkend.

Sinds in de jaren zestig de tweede feministische golf op gang kwam wordt de Internationale Vrouwendag weer volop gevierd, meestal met demonstraties, bijeenkomsten en conferenties. Vrouwen uit alle landen, gezindten en politieke stromingen nemen deel. In 1978 werd de Internationale Vrouwendag door de Verenigde Naties erkend. In nog maar een enkel westers land heerst weerstand tegen “de achtste maart”.